Tagarchief: Roodevaart

Visie geluids-problematiek aan B & W.- 14-11-99

Zevenbergen, 14 november 1999

Geacht college,

Naar aanleiding van de informatiebijeenkomst d.d. 27 september j.l. te Moerdijk betreffende de geluidsproblematiek van het industrieterrein Moerdijk willen wij onze zienswijze hierop te uwer kennis brengen.

Begin 1996 werd door de leiding van het IHM gesteld dat uitgangspunt van het beleid was en zou blijven het voortbestaan van Roodevaart. Dit gold in grote lijnen tegelijk ook voor de overige omringende bewoners. Na het vertrek van de gematigde directeur G. Roodewijk en het aantreden van de havenhavik N. A. van der Pool heeft men zich laten verrassen door de ‘onvoorziene ontwikkelingen van bedrijvigheid’ op het industrieterrein, zo werd gesteld op genoemde avond, overigens ook bij eerdere gelegenheden.

Men geeft hiermee aan dat men niet in staat is geweest de ontwikkelingen te beheersen en te sturen, dat men a.h.w. een speelbal is geweest van deze ontwikkelingen

Onze mening is dat men zich een speelbal heeft laten zijn, dat men van meet af aan geen rekening heeft gehouden met de ligging van Roodevaart en overige omwonenden. Na de grenswaardeverhoging van 50 naar 55 dBA had men gewaarschuwd moeten zijn en indien er van goede wil sprake zou zijn geweest, een ander beleid kunnen voeren.

Het heeft naar onze overtuiging ontbroken aan een zorgvuldig geluids- en vergunningen-beleid in combinatie met een goed overwogen en verantwoorde spreiding van de bedrijven met een voortdurende bewaking van de omringende bewoning.

In tegenstelling hiermee heeft men een ‘kom maar binnen’ beleid gevoerd, waardoor men meettechnisch gezien, t.g.v. royaal verleende vergunningmaxima kon zeggen, dat er aan een nieuwe grenswaardeverhoging niet te ontkomen was. Daarnaast kon men laten blijken hoe vol het industrieterrein al was, dit om de noodzaak van versnelde aanleg van Moerdijk 2 te kunnen onderstrepen.

Het stuit ons tegen de borst dat de gemeente, die gehouden is het algemeen belang, waaronder het primaire woonbelang valt, te behartigen, haar heilige plicht verzaakt. Zie hier hoe fnuikend de combinatie van de functies wethouder en vice-voorzitter HM (DB en RvB) kan zijn.

De stichting is van mening dat existentie van genoemde bewoning naast het industrieterrein zeer wel mogelijk is en verlangt van de gemeente alsnog haar plicht te vervullen door vergaande maatregelen te eisen, teneinde dit alsnog te bereiken. Zij zal dus op dit punt actief voorwaardenscheppend aan de slag moeten.
Indien dit achterwege blijft zal de stichting dié maatregelen voorbereiden die zij nodig acht..

In afwachting van uw reactie,

Hoogachtend,

namens de stichting SBBM,

A van der Wal

Bezwaarschrift voorbereidings-besluit. 16-06-00

Aan:

De gemeenteraad van Moerdijk,

Postbus 4,

4760 AA ZEVENBERGEN.

Zevenberg(sch)en(hoek), 16 juni 2000

Onderwerp:

Bezwaarschrift tegen het in voorbereiding verklaren van een (herziening van) het bestemmingsplan voor een aantal percelen met een woonbestemming, gelegen

rondom het industrieterrein Moerdijk.

Geachte leden van de Raad,

Onder verwijzing naar de tekst van de bekendmaking van de burgemeester van 9 mei 2000

dienen wij hierbij ons bezwaarschrift in.

Uw motivering (de overwegingen uit de bekendmaking) om tot dit voorbereidingsbesluit over te gaan laat zich als volgt samenvatten:

1). Naar uw mening moet het wenselijk worden geacht om “-vanwege de geluidsproblematiek rond het industrieterrein Moerdijk- het gebied Roodevaart e.o. te herbestemmen”;

2). Tegengaan (aanhouden) van “ongewenste (bouw?-) ontwikkelingen in het gebied”.

Ons bezwaar:

Onze Stichting wil graag de overwegingen die uw Raad deden besluiten om deze procedure te starten als volgt weerleggen:

Ad. 1).

De stichting acht het onacceptabel dat thans een procedure tot herbestemming (lees wegbestemming) van het (woon)gebied wordt ingezet om de geluidsoverlast op te lossen. Procedureel is het juister om de (komende) veroorzakers van de geluidsproblematiek aan te pakken.

Ad. 2).

Ondanks het gegeven dat de provinciale overheid zich in het verleden (1993) op het standpunt heeft gesteld dat “het voortbestaan van Roodevaart en de andere omringende woonbebouwing” diende te worden “heroverwogen”, heeft de locale overheid (zowel vóór als na de gemeentelijke herindeling) daaraan in de afgelopen jaren geen gevolg gegeven.

Toelichting:

Onze Stichting is van mening dat zowel de lokale als de regionale overheid zich heeft laten leiden door de “economische omstandigheden en daaraan gekoppelde ontwikkelingen van bedrijvigheid” op het industrieterrein.

Wij zijn van mening dat genoemde instanties van meet af aan onvoldoende rekening hebben gehouden met de ligging van Buurtschap Roodevaart en van de overige woningen in de nabijheid van het industrieterrein.

De bij het Masterplan 1993 wettelijk vastgestelde geluidcontouren, worden nu reeds door de op het industrieterrein gevestigde bedrijven nagenoeg opgevuld.

Naar onze overtuiging heeft het ontbroken aan een zorgvuldig uitgiftebeleid voor geluidemissie bij de verleende vergunningen.

Indien zoals hierboven omschreven het geval mocht zijn, dan hebben wij de vaste indruk dat de locale en/of regionale overheid blijkbaar een te ruimhartig toelatingsbeleid heeft gevoerd.

Wij hebben echter stellig de indruk dat de genoemde geluidscontouren alleen zullen worden overschreden indien afgeweken wordt van de “invulling” van het industrieterrein zoals in het Masterplan 1993 is voorzien en vastgelegd. In die zin dat op bepaalde gedeelten van het industrieterrein een hogere geluidemissie wordt toegestaan dan die waarvan bij de vaststelling van de geluidscontouren is uitgegaan. (In dit verband verwijzen wij naar eerdere communicatie en correspondentie van onze Stichting naar uw Raad).

Het gevolg is volgens u, dat de in de directe omgeving van het industrieterrein gelegen woningen gesaneerd (wegbestemd) moeten worden.

Wij zijn het vanzelfsprekend daarmee niet eens. Naar onze mening verbindt de Raad thans de verkeerde consequenties aan onder andere (komende) “handhavingsdwalingen”.

Wat moet wel gebeuren.

Wij zijn van mening dat niet de woonbestemming in het vigerende bestemmingsplan moet worden herzien, maar dat de geluidsproductie moet worden aangepakt. Dat wil zeggen dat er maatregelen genomen moeten worden om te voorkomen dat de (toekomstige) geluidsproductie van het industrieterrein de wettelijk vastgestelde contouren zal gaan overschrijden.

Tot slot.

Wij betogen -mede onder inachtneming van bovenstaande- dat uw raadsbesluit ons inziens niet voldoet aan de redelijke eisen van zorgvuldig bestuur. Bovendien is ons gebleken (huis aan huis onderzoek) dat bewoners die het aangaan op dit moment de geluidsoverlast van het industrieterrein niet als meest hinderlijk milieu-item ervaren.

ONS VOORSTEL/VERZOEK:

Onze Stichting verzoekt uw Raad het omstreden voorbereidingsbesluit in te trekken en met de meest betrokkenen in contact te treden teneinde de putatieve geluidhinderproblematiek op de enig juiste en behoorlijke wijze op te lossen.

In dit kader verwacht de Stichting Behoud Buitengebied Moerdijk dan ook van de gemeente dat zij de gewraakte procedure tot herziening van het bestemmingsplan, waarbij de woningen worden wegbestemd, niet zal voortzetten.

Uw uitnodiging tot het verder -mondeling- toelichten van dit bezwaarschrift zien wij gaarne tegemoet.

Hoogachtend,

Namens de Stichting Behoud Buitengebied Moerdijk,

W.C.A. Rijnart, Voorzitter.

Inspraak commissie vergadering. 05-12-99

5-12-99

Dames en heren,

Mijn naam is Kees van Schenk Brill; ik ben bestuurslid van de Stichting Behoud Buitengebied Moerdijk, waartoe wij, volgens onze statuten, ook de daarin gelegen kleinschalige woongemeenschappen rekenen. Zoals de Roode Vaart e.d.
Vandaar onze betrokkenheid bij het agendapunt inzake de intentieverklaring tot het wegbestemmen van deze woningen.

U heeft inmiddels een brief van ons gekregen waarin wij er op aandringen dat agendapunt niet te behandelen, aangezien dit een vele malen zorgvuldiger voorbereiding vereist dan nu mogelijk is.
Ook wij waren door dit tijdsgebrek al niet zorgvuldig genoeg en spraken in die brief over de wet AROB, terwijl dat de ABW moet zijn. De strekking blijft echter hetzelfde.

Nu het punt echter toch behandeld wordt vragen wij u dringend niet met dit voorstel in te stemmen.
Wij blijven erbij dat de manier waarop het College een dergelijk ingrijpend besluit er even doorheen probeert te jagen niet getuigt van bestuurlijk fatsoen. En dat zij kennelijk van de Raad verwacht dat zij dit spelletje meespeelt, getuigt naar onze mening van minachting van de Raad.

Bovendien hebben wij de indruk dat de argumentatie om tot wegbestemmen over te gaan feitelijk onjuist is.
Ik zal dat toe lichten aan de hand van de historie, voor zover wij die in deze korte tijd hebben kunnen reconstrueren.

Begin 1993 worden door TNO, ten behoeve van een zoneringsbesluit, geluidberekeningen gemaakt voor de toenmalige huidige situatie en voor 2 toekomstige situaties: het Masterplan en een Milieuvriendelijke variant.
In geen van die drie situaties doen zich voor de omliggende woningen problemen voor.
Kennelijk wordt een zoneringsbesluit genomen, gebaseerd op het Masterplan. In dat Masterplan zijn, of worden in een later stadium, voor het noordoostelijke deel van het industrieterrein beperkingen vastgelegd t.a.v. de hoeveelheid geluid die daar mag worden geproduceerd. Dit ter bescherming van de woonkern Moerdijk.

Op 26 oktober 1998 wend het havenschap zich schriftelijk tot het College met het verzoek tot herziening over te gaan van het geldende bestemmingsplan ter plaatse van het gebied Roode Vaart / Logtenburg. Het verzoek is, volgens het College, met name gericht op het wegbestemmen van de binnen dit gebied gelegen woningen, omdat daarmee wordt voorkomen dat voor deze woningen een procedure tot de vaststelling van een hogere grenswaarde in het kader van de Wet Geluidhinder moet worden gevolgd.

In dat verzoek (deze brief was trouwens niet bij de stukken ter inzage gelegd) is kennelijk geen sprake van té hoge geluidbelastingen, waardoor het vaststellen van een hogere grenswaarde niet meer mogelijk is!

Op dit verzoek volgt een lange periode, waarin hierover gesprekken worden gevoerd tussen het havenschap en het College en blijkbaar is op 22 juli 1999 het Collegestandpunt afgerond.
Op 2 augustus schrijft het College aan het havenschap dat zij besloten heeft t.a.v. het gedane verzoek een positief standpunt in te nemen, met een aantal randvoorwaarden.
Deze brief was wél ter inzage gelegd.

Dan volgt 27 september 1999 de informatie-avond voor de bewoners en tijdens die avond wordt voor het eerst melding gemaakt van nieuwe geluidberekeningen, waardoor het helaas niet meer mogelijk is om een hogere grenswaarde vast te stellen, zodat er niets anders overblijft dan de woningen te slopen.

Kennelijk is in die lange overlegperiode tussen oktober en juli overeengekomen dat men met sterkere motieven moest komen om tot wegbestemming van de woningen te kunnen overgaan.
Het willen voorkomen dat een procedure tot vaststelling van een hogere grenswaarde moet worden gevolgd is natuurlijk een akelig zwak argument. Maar als de toekomstige geluidbelasting dermate hoog is dat zo’n hogere grenswaarde onvoldoende is, dan heb je een prima reden om tot sloop over te gaan.
Maar hoe kom je nu aan een hogere geluidbelasting dan een paar jaar geleden nog door een betrouwbaar burau als TNO berekend is.
Tijdens de informatie-avond werd een verhaal opgehangen over cijfers die door de ontwikkelingen waren achterhaald, waardoor de indruk werd gewekt dat er aan verschillende bedrijven meer
“geluidsruimte” vergund was dan op basis van het vastgestelde zoneringsplan had gemogen.
En misschien is dat ook wel zo. De mogelijkheid om dat na te gaan hebben wij nog niet gehad.

Maar als je het rapport van Cauberg-Huygen aandachtig doorleest, dan valt daarin het volgende op:
De 65 db(A)/m2-reservering op het B1-terrein is opgewaardeerd naar 67 dB(A)/m2, ter compensatie van de lagere waarden die ter bescherming van Moerdijk worden gehanteerd. En dat B1-terrein is gelegen aan de zuid-oostzijde van het industrieterrein, ofwel bijna grenzend aan de woningen aan de Roode Vaart etc. Gek hé, dat die woningen nu plotseling een hogere toekomstige geluidsbelasting hebben. Zo doe je dat dus, zo kom je aan een hogere geluidbelasting: gewoon de bronbelasting met
2 dB(A)/m2 verhogen.

Maar daarmee wordt dus afgeweken van het eertijds vastgestelde Masterplan.
Onze vraag is: Heeft de Raad daartoe besloten en zoja wanneer. En is de Raad toen op de hoogte gesteld van de consequenties daarvan. Of hoeft dat niet. Kan zoiets, waar zulke grote consequenties aan vastzitten, gewoon gedaan worden zonder dat de Raad daarmee behoeft in te stemmen.

Het lijkt er in onze ogen dus sterk op dat er een kunstgreep is toegepast om een situatie te creeëren die het nodig maakt de woningen die het havenschap, om redenen waarnaar wij alleen maar kunnen gissen kennelijk in de weg staan, weg te bestemmen!
Als dat inderdaad zo is, dan wordt u dus een rad voor ogen gedraaid.
Dat gaat dan nog veel verder dan minachting, dat zou misleiding zijn.
We kunnen ons dat eigenlijk nauwelijks voorstellen.

Toch blijkt uit alles dat u, door uw eigen College, voor het karretje van het havenschap wordt gespannen. En dat kan een democratisch gekozen orgaan toch niet willen.
Wie maakt hier in deze gemeente nu de dienst uit? Het havenschap of u als Raad?

Brief aan de Raad inzake bezwaren tegen vbr-besluit. 20-10-00

Onderwerp:
Voorstel tot ongegrond verklaren van
de bezwaren tegen het voorbereidingsbesluit
inzake de Roode Vaart e.o.

Zevenbergen, 20 oktober 2000

Aan de Raadsleden van de gemeente Moerdijk

Geachte dames en heren,

Eén van de argumenten, gehanteerd om de ingebrachte bezwaren tegen het voorbereidingsbesluit Roode Vaart e.o. ongegrond te verklaren is het feit dat de bezwaren zich niet richten tegen de conserverende strekking van het voorbereidingsbesluit, maar dat deze inhoudelijk van aard zijn.
Gesteld wordt dan ook dat die bezwaren in feite een fase te vroeg zijn ingediend en pas aan de orde zouden zijn in het kader van de procedure van de totstandkoming van het voor te bereiden bestemmingsplan.

Dat mag dan misschien zo zijn, maar wij vrezen dat het College helemaal niet van plan is op korte termijn de feitelijke bestemmingsplanprocedure te starten, zodat een oordeel over die bezwaren nog heel lang uit zal blijven.
Waar het het College in deze zaak immers om begonnen was, was van u een uitspraak te verkrijgen dat de woningen langs de Roode Vaart e.a. zouden worden wegbestemd. Meer niet.
Die uitspraak heeft u in uw vergadering van 2 maart gedaan.

Oorspronkelijk was het helemaal niet de bedoeling daar de uitspraak aan te verbinden dat er een procedure tot herbestemmen zou worden opgestart. U was echter terecht van mening dat zo’n besluit niet kon worden genomen zonder dat er zicht was op een deugdelijke planologische procedure.

Als eerste stap in die procedure is toen een voorbereidingsbesluit genomen.
Dit voorbereidingsbesluit werd direct gevolgd door een presentatie in de Commissie R.O. e.a. van de voorgenomen 3e Partiële Herziening van het Bestemmingsplan Industrieterrein Moerdijk 1993. Daarbij werd aangegeven dat het de bedoeling is tot een groene inpassing van het industrieterrein te komen, zodat de woonbestemming vervangen zal worden door een groenbestemming.

Een maand later werd de 4e Partiële Herziening van het Bestemmingsplan Industrieterrein Moerdijk 1993 aan de Commissie gepresenteerd, welke betrekking heeft op de voorgenomen uitbreiding van het Tradepark.
Die 4e Partiële Herziening werd m.i.v. 21 september ter visie gelegd, waarmee daarvoor de feitelijke
bestemmingsplanprocedure werd gestart.

Diezelfde procedure is voor de 3e Partiële Herziening niet gevolgd! Na de presentatie in de Commissie is het rond die herziening stil geworden.
Wij kunnen ons niet aan de indruk onttrekken dat bewust niet gestart is met de feitelijke procedure voor die 3e Partiële Herziening, omdat het plan wat in de Commissie gepresenteerd is niet het plan is dat College en Havenschap daar echt willen realiseren. Het is immers geenszins de bedoeling om daar een groene gordel te realiseren; die groene gordel moet er wel komen, maar meer oostelijk, als begrenzing van een doorgetrokken insteekhaven met bijbehorende industriële activiteiten.
Alleen dat plan is nu nog even niet politiek haalbaar.
Als je de tijd echter zijn werk laat doen, zodat het Havenschap het overgrote deel van de woningen heeft kunnen verwerven, dan zal de weerstand wel zover afgenomen zijn dat die 3e herziening in een keer “goed” kan worden gedaan.
En als die woningen eenmaal weg zijn, ach, waar gaan die bezwaren dan eigenlijk nog over.

In ieder geval gaan die bezwaren over de gevolgde procedure, zodat die niet van tafel gaan, ook niet als het nog erg lang duurt voordat de feitelijke bestemmingsplanprocedure plaats vindt.

Dames en Heren, als u ook vindt dat de ingebrachte bezwaren voor het voorbereidingsbesluit op zich, niet ter zake doen, maar aan de orde zouden moeten komen bij de feitelijke bestemmingsplan-procedure, dan zou er o.i. ook zicht moeten zijn op het plaats vinden van die procedure.
Het lijkt ons dan niet meer dan redelijk dat het tijdspad van die procedure wordt vastgelegd, zo dat bezwaarmakers niet eindeloos aan het lijntje gehouden kunnen worden.

Mocht u derhalve besluiten om de ingediende bezwaren ongegrond te verklaren, dan verzoeken wij u tevens vast te leggen wanneer de 3e Partiële Herziening in procedure wordt gebracht, wat het verdere tijdspad daarvan is en welke aanvullende onderzoeken zullen worden uitgevoerd en wanneer.

Namens de Stichting Behoud Buitengebied Moerdijk,

Hoogachtend,

W.C.A. Rijnart, voorzitter.

Artikel Moerdijkse Bode: Gedicht Roodevaart. 2003

Roodevaart een dorpje aan het water

geklemd tussen industrie en haringvliet

geeft bewoners een flinke kater

wie ziet nu eigenlijk ons verdriet

De huizen die daar staan

gedoemd zijn te verdwijnen

de bewoners zeer ontdaan

dit is toch om weg te kwijnen

Geluidsoverlast is het verhaal

dat wordt tenminste zo verteld

maar dat je dan eruit moet

en de huizen worden geveld!

Je vertrouwde omgeving moet verlaten

waar je jaren hebt gewoond

geboortegrond, werk en school

op deze wijze wordt beloond

Industrie heeft ruimte nodig

maar jou leven wordt gesmoord

je ziet dollartekens in hun ogen

dit is duidelijk ongehoord

En dan het dorp Moerdijk

met het tweede indusstrieterrein

de leefbaarheid die staat te kijk

dat wordt dan weer een tweede pijn

Ingeklemd dán tussen water

Moerdijk 1 en Moerdijk 2

dát wordt toch de grootste flater

Provincie toch, nee, nee, nee!

Zij zien alleen de mooie euro’s

en drammen gewoon maar door

Moerdijkers worden boos

leefbaarheid gaat toch zeker voor

Wordt het dan ook leegstand

net als het dorp (bij Antwerpen) Doel

Provincie wordt eens wakker

en toon een goede smoel

Geen mens die dan daar wil wonen

en juist dát wat provincie wil

grond dat hebben we nodig

dat maakt Moerdijk wel erg kil

Stop eens met die uitbreiding

En luister naar je hart

Moerdijk 2 nee!

Dit brengt alleen maar smart

Naan en adres bij redactie bekend.

Artikel BN/De Stem: Bij industrieterrein Moerdijk. Schot in aankopen woningen

Door Paul Verlinden

Dinsdag 6 april 2004 – ZEVENBERGEN – Nadat het Havenschap Moerdijk de afgelopen jaren nog slechts mondjesmaat woningen rond industrieterrein Moerdijk heeft gekocht, wordt er vanaf nu waarschijnlijk weer meer vaart gemaakt met de aankopen.

Het gaat om woningen waarvan de woonbestemming wegvalt omdat ze binnen de (toekomstige) geluidscontouren van het industrieterrein vallen.

Lange tijd bleef de toekomst van een aantal woningen rond het industrieterrein ongewis. Duidelijk was al wel dat huizen moesten verdwijnen of worden aangepast vanwege de geluidshinder van bedrijven op het industrieterrein. De bewoners bleven echter zitten met de vragen wanneer dat uiterlijk zou moeten gebeuren en of het echt definitief door zou gaan.

De gemeente Moerdijk heeft nu een Startnotitie Industrie en Havengebied gemaakt die de meeste onduidelijkheid wegneemt. De notitie is het uitgangspunt voor de herziening van het bestemmingsplan industrieterrein waar binnenkort mee wordt begonnen. Gisteren werd op het gemeentehuis in Zevenbergen een informatieavond over de notitie gehouden.

In het nieuwe bestemmingsplan worden de geluidscontouren opgerekt, zodat er meer groeimogelijkheden voor bedrijven zijn. Daarmee volgt de gemeente in grote lijnen de wens van het Havenschap. Wel legt de gemeente wat geluid betreft een beperking op aan nieuwe bedrijven die zich aan de rand van het industrieterrein willen vestigen.

Voor de betrokken omwonenden bevestigt de notitie vooral wat al in eerdere onderzoeken en plannen was gemeld. Alleen hadden die nog geen formele status. Bovendien ligt in de notitie voor elke individuele woning nu ‘voor meer dan 95 procent vast’ wat de gevolgen van het nieuwe bestemmingsplan zijn.

J. Rentrop, manager milieu en veiligheid bij het Havenschap, is blij dat er nu eindelijk een notitie met een formele status ligt. ‘Mensen weten nu waar ze aan toe zijn. Ik verwacht dat een groep mensen zich zelf bij het Havenschap meldt om over de verkoop van hun woning te praten. Anderen wachten mogelijk nog tot het bestemmingsplan definitief wordt en er zijn wellicht ook mensen die niet willen verkopen en waarvoor de gemeente te zijner tijd een onteigeningsprocedure moet starten“, aldus Rentrop.

Er zijn 43 woningen rond het industrieterrein (met name aan de Roode Vaart, Gorsdijk en Koekoekendijk) waarvan de woonbestemming vervalt. Daarvan moet het Havenschap er nog zestien kopen. Andere huizen die ook binnen de geluidscontouren vallen, houden hun woonbestemming omdat ze kunnen worden aangepast of omdat ze door hun bouw minder last hebben van het geluid.

Voor een aantal omwonenden is het moeilijk te accepteren dat er volgens de wettelijk vastgestelde normen sprake is van geluidsoverlast. Diverse mensen brachten gisteravond in dat ze het geluid van het industrieterrein niet als hinderlijk ervaren. De gemeente erkent dat. ‘Maar we zitten met de wet en daar moeten we ons aan houden“, aldus wethouder C. Punt.

Artikel BN/De Stem: Roode Vaart: ‘Wanbestuur’

Door Paul de Schipper

Zaterdag 14 februari 2004 – ROODE VAART – Bewoners van het buurtschap Roode Vaart hebben de Nationale Ombudsman te hulp geroepen. Ze willen weten wat er met hun voor meer dan de helft gesloopte buurtschap verder gaat gebeuren.
‘Er gebeurt nu niks. De gemeente Moerdijk zwijgt al drie jaar en geeft ook geen antwoord op vragen, dus proberen we het langs deze weg“, aldus Roode Vaartbewoner en initiatiefnemer Hans de Rooij.
Roode Vaart is een buurtschap onder de rook van het industrieterrein Moerdijk, voorbestemd om van de kaart geveegd te worden. Het ligt binnen de lawaaicirkel van het industrieterrein.

Weg bestemmen
De gemeente Moerdijk besloot op 2 maart 2000 na jaren onzekerheid, om de buurtschap ‘weg te bestemmen’. Dat betekende dat Roode Vaart zou worden gesloopt. Dat is deels gebeurd. Daarna is het opkopen van woningen stil gevallen.
Anno 2004 bestaat Roode Vaart nog steeds. De aanvankelijk met voortvarendheid aangepakte sloop van de buurtschap ligt stil. Op sommige plankaarten bestaat Roode Vaart al niet meer en is op de plek van de buurtschap een insteekhaven getekend. Toch ademen er nog mensen. De bewoners, nog drieëntwintig in getal, zeggen in grote onzekerheid te leven over wat er nu gaat gebeuren.
Ze wonen in een weinig opwekkende, bijna sinistere omgeving van dichtgetimmerde woningen en slooppercelen met muren van containers, kranen en langgerekte pluimen fabrieksrook als decor.

Duidelijkheid
De bewoners verwijten de gemeente Moerdijk ‘wanbestuur’.
Hans de Rooij, een van de volhouders in Roode Vaart, diende op 19 november 2003 een klacht in tegen het zijns inziens lakse beleid van de gemeente Moerdijk: het niet uitvoeren van het ‘sloopbesluit’ van maart 2000. Na een hoorzitting over die klacht in het gemeentehuis in Zevenbergen, op 23 december, bleef het stil. Dat is het nog altijd.
De Rooij: ‘De termijn om antwoord te geven is nu verlopen. Daarom heb ik me tot de Nationale Ombudsman gewend, om de gemeente te dwingen iets te doen. Ik wil duidelijkheid. Duidelijkheid is in het algemeen belang van de laatste bewoners van Roode Vaart. We zitten allemaal in hetzelfde schuitje.“

Gecompliceerd
Volgens C. Punt, wethouder Ruimtelijke Ordening van de gemeente Moerdijk, ligt de zaak heel gecompliceerd, zal de stilte rond Roode Vaart binnenkort doorbroken worden en is er actie in voorbereiding, al geeft Punt wel toe dat er ‘naar buiten toe misschien weinig is gebeurd’.
Over de oorzaak zegt hij: ‘Er zijn de laatste jaren uitbreidingen geweest op het industrieterrein. Dat heeft het niet makkelijker gemaakt. Het opkopen van woningen heeft even stil gelegen. Het havenschap zat in financieel moeilijk vaarwater. Het ligt ook aan de mensen zelf. We zijn nu bezig met een startnotitie als voorbereiding op een bestemmingsplan voor Roode Vaart. Die wordt in april aan de raad voorgelegd.“
Thijs Broekmeulen, eigenaar van een scheepvaart- en watersportbedrijf aan de Roode Vaart, haalt de schouders op: ‘Wat startnotitie? Weer een startnotitie. De plannen liggen er al sinds 1993. Sindsdien is er niks veranderd.“
Volgens Punt is dat juist wel het geval en moet er daarom een nieuwe startnotitie komen.
Broekmeulen vermoedt dat Roode Vaart wisselgeld is in het ‘grote spel’ om Moerdijkse Hoek, de door de provincie Noord-Brabant gewilde uitbreiding van het industrieterrein Moerdijk. Zo kijken ook andere bewoners er tegen aan: een machtsspel, een ‘complot’ en ‘een sterfhuisconstructie’: ‘De gemeente Moerdijk is tegen Moerdijk II, het havenschap wil dat terrein wel. Het havenschap moet onze huizen opkopen, dus zeggen ze tegen de gemeente: als jullie tegen zijn, kopen wij niks meer op Roode Vaart. Ze wachten totdat we doodgaan.“
De gemeente Moerdijk ontkent dat, het havenschap wijst erop dat er sinds kort weer met een bewoner over verkoop van een woning onderhandeld wordt.
Thijs Broekmeulen over het beleid van de gemeente Moerdijk: ‘Ze doen of het ons probleem is. Zo is het niet. Zij hebben ene probleem. Wat ze presteren is puur wanbestuur. Het liefst zou ik B en W van de gemeente Moerdijk laten gijzelen, laten opsluiten in De Koepel in Breda en de rechter een uitspraak laten doen over wat ze gedaan en vooral niet gedaan hebben.“

Artikel BN/De Stem: Onduidelijkheid over bestemmingsplan voor gebied rond industrieterrein Moerdijk. Toekomst woningen blijft ongewis

Door Paul Verlinden

Zaterdag 20 december 2003 – MOERDIJK – Van tientallen woningen rond het industrieterrein Moerdijk wordt maar niet duidelijk of zij in de toekomst moeten worden aangepast of zelfs verdwijnen. De onduidelijkheid blijft bestaan omdat gemeente en Havenschap bij het maken van bestemmingsplannen langs elkaar heen werken.
Het Havenschap Moerdijk, dat het industrieterrein beheert, wil dat de geluidscontouren rond het terrein worden opgerekt. De komende jaren neemt de bedrijvigheid verder toe en dat brengt extra geluidhinder met zich mee.

De huidige geluidscontouren rond het terrein zijn in 1993 vastgesteld. Momenteel loopt het industrieterrein al tegen de grenzen aan en de komende tien jaar zullen die grenzen overschreden gaan worden, met name aan de kant van Zevenbergen en het dorp Moerdijk.

Voor die overschrijding moet wel het bestemmingsplan industrieterrein en het bestemmingsplan buitengebied worden aangepast. ‘Als er geen nieuwe geluidscontouren komen, gaat het industrieterrein op slot. Dan kan een groot aantal bedrijfsactiviteiten niet worden uitgebreid“, aldus Havenschap-directeur U. Uiterwijk.

Het Havenschap heeft al in 1998 aangegeven bij de gemeente dat de bestaande geluidscontouren zijn verouderd. Ook in juni 2003 is over die problematiek nog een notitie opgesteld. De gemeente heeft daarbij echter geen rekening gehouden met het bestemmingsplan buitengebied Moerdijk, waarvoor het voorontwerp nu bij de provincie ligt.

‘Het bestemmingsplan buitengebied dat nu in de maak is, staat op gespannen voet met de door ons voorgestelde deelherziening van het bestemmingsplan voor het industrieterrein,“ zegt J. Rentrop, manager milieu en veiligheid bij het Havenschap Moerdijk.

Volgend jaar moet er een totaal nieuw bestemmingsplan industriegebied worden gemaakt omdat het huidige al tien jaar oud is. Oprekken van de geluidsnormen heeft grote gevolgen voor het bestemmingsplan buitengebied; binnen die contouren mogen dan geen woningen meer gebouwd worden, terwijl bestaande woonhuizen gesloopt of aangepast moeten worden.

‘Die twee plannen moeten daarom op elkaar afgestemd worden, maar dat gebeurt nu niet. Zo blijft er onduidelijkheid bestaan voor ons maar ook voor omwonenden,“ aldus Rentrop.

Als de geluidscontouren zo ingevuld worden als het Havenschap dat wil, vallen in totaal 78 huizen in de ‘gevarenzone’. Een aantal daarvan mag daar zelfs volgens de in 1993 vastgestelde contouren niet staan, maar zijn een tijd lang gedoogd. Het Havenschap is de afgelopen jaren al begonnen met de aankoop en sloop van woningen, met name aan de Roode Vaart. Voor een deel wordt er bij dat aankopen al rekening mee gehouden dat de geluidscontouren waarschijnlijk opgerekt gaan worden.

Op basis van de huidige en de nieuwe geluidscontouren zouden 43 huizen niet meer bewoond mogen worden (27 zijn al aangekocht). Van de overige 35 moeten er twintig aangepast worden, bijvoorbeeld door isolatie, en blijven vijftien huizen buiten schot omdat ze door hun bouw minder last van het geluid hebben. Het gaat om woningen tussen Zevenbergen en Moerdijk aan de Koekoekendijk, Koekoeksedijk, Krukweg, Gronsdijk, Sluisweg, Keenweg en de Uilendijk.

‘Voor menig huizenbezitter is het nu al jaren onduidelijk of er iets met hun huis moet gebeuren en zo ja, wanneer,“ zegt Rentrop van het Havenschap.

Wethouder C. Punt van Moerdijk erkent dat er op dit moment onduidelijkheid is. ‘Het kan inderdaad betekenen dat het bestemmingsplan buitengebied straks weer aangepast moet worden omdat voor het industrieterrein nieuwe geluidszoneringen wordt vastgesteld.“

Het is volgens hem nog te vroeg om te zeggen wat de gevolgen voor de huizen in de omgeving zijn. ‘De geluidszonering van van het industrieterrein kan minder opgerekt worden. Maar er kan ook vrijstelling worden verleend. En het kan inderdaad zijn dat met een aantal huizen iets gebeurt.“

Artikel BN/De Stem: ‘Roode Vaart’ deGazastrook van de Westhoek’ ‘Provincie houdt Moerdijk in wurggreep’

Door Peter Snel

ZEVENBERGEN -. De inwoners van het dorp Moerdijk hebben in dominee Cornelis Baas een goede pleitbezorger. Als een
goede herder stond hij gisteravond tijdens een door BN/DeStem gehouden politiek debat over de Moerdijkse Hoek pal voor zijn kudde. ,,De mensen van Moerdijk hebben de innerlijke angst weggeruimd te worden.‘

Het was geen vraag die hij aan de lijsttrekkers voor de provinciale verkiezingen stelde. Het klonk eerder als een emotioneel verwijt. Een aanklacht tegen de mensen die er voor zorgen dat ~zijn’ dorp Moerdijk straks wordt dichtgetimmerd door het industrieterrein Moerdijkse Hoek. ,,De mensen van Moerdijk vertellen mij meer dan ze tegen anderen doen‘, legt hij in de pauze uit. ,,Daarom weet ik zo goed hoe ze zich voelen.‘
Meneer De Rooy, die al 45 jaar in de buurtschap Roode Vaart woont, komt er bij staan. Hij weet uit eigen ervaring welke bedreigingen op het dorp in de Klaverpolder afkomen. Veel van zijn buren zagen zich al gedwongen om te verhuizen vanwege de oprukkende geluidscontouren van het industrieterrein Moerdijk. ,,Ik weet het allemaal niet zo mooi te zeggen want ik ben maar een eenvoudige arbeider. Maar
de Roode Vaart is de Gazastrook van de Westhoek. Dat wil ik maar even gezegd hebben.‘
Zijn onbegrip over zoveel ambtelijke onbegrijpelijkheden wordt gedeeld door de vele tegenstanders van de Moerdijkse Hoek die zich gisteravond roerden. Onder hen veel leden van GroenLinks.
Als ervaren activisten zuigen en trekken ze en weten op enkele momenten zelfs de discussie te verstoren. Marleen Leijs, de Secretaris van de Moerdijkse
GroenLinks-afdeling laat geen kans onbenut de lijsttrekkers met scherpe vragen te bestoken. Rustiger, maar even vasthoudend is Kees van Schenk Brill, de voorzitter van de Stichting Behoud Buitengebied Moerdijk.
PvdA-wethouder Marjolein de Wit roert zich ook en zegt VVD gedeputeerde Onno Hoes recht in zijn gezicht dat de gemeente Moerdijk door de provincie in een wurggreep wordt gehouden. De weerstand tegen nog meer industrie in de toch al zo geplaagde gemeente Moerdijk is groot en de emoties lopen soms hoog op. De lijsttrekkers lijken zich daar aanvankelijk jets van aan te trekken. Maar na de pauze trekken de meesten zich terug in de voorspelbare politieke stellingen. Het aandeel van het publiek is op dat moment minder en de discussie daardoor gezapiger.

BN/DeStem: Rechtszaak Lambregts gaat om het principe dd

Van onze verslaggever

Dinsdag 13 november 2001 – MOERDIJK – De rechtbank in Breda buigt zich momenteel over de vraag of N. Lambregts van de Roodevaart terecht beroep heeft ingesteld tegen het in voorbereiding verklaren van een wijziging van het bestemmingsplan waar zijn woning onder valt. De gemeenteraad nam dat besluit in april 2000.

Populair gezegd kondigt de gemeenteraad met dat besluit aan dat het ter plaatse geldende bestemmingsplan wordt gewijzigd.

Lambregts is het niet met dat voorbereidingsbesluit eens. Rechter Woerdeman wilde vooral weten welk belang Lambregts heeft. “Want het voorbereidingsbesluit is inmiddels vervallen en er is een nieuw besluit genomen. Dat nieuwe besluit staat echter op zich. U wilt een uitspraak op een voorbereidingsbesluit dat er niet meer is?”

Voor Lambregts is het echter een principekwestie. Hij is al sinds 1968 met de overheid in de weer over industrieterrein Moerdijk. Door de aanleg daarvan is zijn boomgaard verzilt waardoor hij zijn bedrijf ten onder zag gaan. In die zaak kreeg hij in januari van dit jaar voor het eerst gelijk en er lijkt over enkele maanden een definitief schikkingsvoorstel te komen.

De bezwaren van Lambregts bleken zich niet zo zeer tegen het voorbereidingsbesluit an sich te richten, maar meer tegen het toekomstige nieuwe bestemmingsplan. Die inspraakprocedure moet echter nog beginnen. De rechter wees erop dat Lambregts tegen het nieuwe bestemmingsplan bezwaar kan aantekenen: “Al begrijp ik dat die procedure voor u ook weer een lijdensweg kan worden.”

Het derde aspect dat de rechter te berde bracht was de uitspraak van de Moerdijkse Bezwaar- en Beroepschriftencommissie (BBC). Die oordeelde eerder dat de onderbouwing van het voorbereidingsbesluit niet goed is geweest. Er zou alleen naar geluidseffecten zijn gekeken. Maar inmiddels heeft het Moerdijkse college een bredere motivering voorhanden.

Wat de uitspraak van rechter Woerdeman ook zal zijn, er kan alleen maar een principiële waarde aan worden toegekend. Want het besluit waar Lambregts tegen ageert bestaat niet meer. De man van Roodevaart heeft al een bezwaar aangetekend tegen het nieuwe voorbereidingsbesluit. Daarvoor zijn hij en zijn buurtgenoten A. den Teuling en J. Barel donderdag gehoord door de BBC. In het advies van de BBC aan het college van B en W staat dat ook dit bezwaarschrift ongegrond moet worden verklaard.